Steun dit initiatief!

Op 3 februari 2011 is dit burgerinitiatief officieel gestart. Stichting De Oude Wereld zoekt 40.000 steunbetuigingen.

Op 20 oktober 2010 vroeg de stichting aan de Minister van OCW om Fair Science als gedragscode voor wetenschapsbeoefening in te voeren. De Minister meende echter dat deze code in strijd zou zijn met de academische vrijheid. Daarnaast hebben de universiteiten al gedragscodes. De stichting is van mening dat Fair Science juist nodig is om de academische vrijheid te beschermen. Daarnaast geldt Fair Science ook voor de krant en de school. Deze vallen niet onder de gedragscodes van de universiteiten. Er zijn vele voorbeelden dat de gedragscode Fair Science hard nodig is. Daarom is De Oude Wereld begin 2011 met het burgerinitiatief gestart.

Eind 2011 werd Nederland ruw opgeschrikt door het bekend worden van diverse gevallen van wetenschapsfraude. Daaruit werd voor iedereen duidelijk dat Fair Science inderdaad broodnodig is. Momenteel onderzoeken universiteiten en de KNAW hoe aanvullende maatregelen genomen moeten worden. Steun daarom nu burgerinitiatief Fair Science. Help de Tweede Kamer zien waar het op aan komt.

Lees verder of stem meteen!

Burgerinitiatief Fair Science

Wij,
voorstanders van eerlijke en transparante omgang met gegevens binnen de wetenschap, de wetenschapsvoorlichting en het onderwijs,
roepen op tot

INVOERING van FAIR SCIENCE als leidend beginsel voor de wetenschapsbeoefening binnen het wetenschappelijk onderzoek, de wetenschapsvoorlichting en het onderwijs in Nederland.

Fair Science houdt in:

  1. Er wordt helder onderscheid gemaakt tussen feiten en interpretaties. Het interpretatiekader (de set vooronderstellingen) wordt eerlijk benoemd.
  2. Een wetenschappelijk model, inclusief de ontstaansgeschiedenis, wordt niet beter of slechter voorgesteld dan het is.
  3. Een wetenschappelijk model wordt niet gepresenteerd als onschendbaar of als waarheid.
  4. Concurrerende wetenschappelijke modellen worden niet genegeerd.
  5. Op het terrein van de oorsprong wordt evenwichtig ruimte gegeven aan het interpretatiekader van miljarden jaren durende evolutie enerzijds en het interpretatiekader van schepping enige duizenden jaren geleden anderzijds.

 

Fair science is nodig op grond van 22 overwegingen (zie hierna).

Steun dit initiatief en vul in!

Of download intekenlijst, print uit en vul in!

De 22 overwegingen zijn:

  1. dat de verwerving en toepassing van wetenschappelijke kennis van grote economische en sociale betekenis is in onze maatschappij;
  2. dat wetenschapsbeoefening niet mogelijk is zonder het hanteren van een interpretatiekader (paradigma, set vooronderstellingen of uitgangspunten);
  3. dat dit interpretatiekader een bepaalde betekenis toekent aan onderzoeksgegevens en van invloed is op de richting van nieuw onderzoek;
  4. dat de keuze van interpretatiekader een subjectieve keuze is, die op grond van voorwetenschappelijke overwegingen wordt gemaakt;
  5. dat het wetenschappelijke model dat op het fundament van het interpretatiekader wordt gebouwd niet gelijkgesteld mag worden aan de feiten of aan waarheid;
  6. dat een wetenschappelijk model nooit voor “bewezen” kan doorgaan, maar hoogstens voor meer of minder “passend bij de feiten”; (punten 2 t/m 6 zijn genoegzaam bekend uit de wetenschapsfilosofie)
  7. dat er internationaal op het terrein van de wetenschappen over de oorsprong van het heelal en het leven twee verschillende interpretatiekaders met bijbehorende modellen bestaan, namelijk het interpretatiekader van miljarden jaren durende evolutie enerzijds en het interpretatiekader van schepping enige duizenden jaren geleden anderzijds;
  8. dat de modellen die bij beide interpretatiekaders horen tot stand zijn gekomen door gebruik te maken van de wetenschappelijke methode;
  9. dat de modellen die bij beide interpretatiekaders horen niet gepresenteerd mogen worden als feiten of als waarheid;
  10. dat echter in Nederland binnen het wetenschappelijk onderzoek, de wetenschapsvoorlichting en het onderwijs het model gebaseerd op het interpretatiekader van de miljarden jaren durende evolutie doorgaans wel als feit of als waarheid wordt gepresenteerd;
  11. dat dit model doorgaans als enige oorsprongsmodel gebruikt wordt binnen het wetenschappelijk onderzoek, de wetenschapsvoorlichting en het onderwijs;
  12. dat het gevolg daarvan is dat het model gebaseerd op het interpretatiekader van schepping enige duizenden jaren geleden doorgaans niet aan bod komt binnen het wetenschappelijk onderzoek, de wetenschapsvoorlichting en het onderwijs;
  13. dat kinderen en volwassen burgers recht hebben op informatie en een eigen mening maar op deze wijze slechts eenzijdig geïnformeerd worden en niet tot vrije meningsvorming kunnen komen;
  14. dat in een samenleving waar vrijheid van meningsuiting een hoog goed is ook vrijheid van meningsvorming een even hoog goed zou moeten zijn;
  15. dat de situatie genoemd in de punten 10 t/m 13 misbruik van wetenschap betekent en onvrijheid in denken;
  16. dat eenzijdige toepassing van het interpretatiekader van evolutie de ogen sluit voor de interpretatiewijze binnen het alternatieve model en feiten die niet binnen het evolutiekader passen niet kan verklaren of zelfs negeert;
  17. dat deze eenzijdige toepassing van het evolutie-interpretatiekader tot suboptimale (soms uiterst gebrekkige) verklaringen van de fysieke werkelijkheid leidt gepaard gaande met aantoonbaar technisch falen, economische verliezen, miskenning of zelfs herschrijven van de geschiedenis, verlies van zingeving en morele beleving in de samenleving, en emotionele schade door uitsluiting en carrièrebreuk;
  18. dat deze eenzijdige toepassing van het evolutie-interpretatiekader doorwerkt in de visie op diverse andere wetenschappelijke en maatschappelijke vraagstukken waaronder de waarde van menselijk leven, de verhouding mens-natuur en het klimaat;
  19. dat een benadering die open is naar beide interpretatiekaders tot een betere verklaring van de fysieke werkelijkheid leidt, technisch falen kan beperken of voorkomen, economische verliezen kan beperken of voorkomen, geen behoefte heeft geschiedenis te miskennen of herschrijven, verlies van zingeving en morele beleving in de samenleving beperkt, en minder of geen emotionele schade door uitsluiting en carrièrebreuk veroorzaakt;
  20. dat een benadering die open is naar beide interpretatiekaders niet meer dan logisch en billijk is zodra men eerlijk onderscheid maakt tussen feiten enerzijds en interpretaties anderzijds;
  21. dat het eerlijk onderscheid maken tussen feiten en interpretaties geen inbreuk vormt op het beginsel van academische vrijheid, maar juist tegemoetkomt aan het gevoelde gemis aan kritische reflectie binnen de wetenschappen en helpt om die vrijheid optimaal te benutten;
  22. dat het de taak van de overheid is om kaders te stellen waarbinnen wetenschapsbeoefening ten dienste van de samenleving optimaal kan functioneren.

Steun dit initiatief en vul het invulveld in!